Toen werd Hij gekruisigd

 

Gekruisigd!

Geen dood is zo intens. Geen schande is zo volledig.

Allereerst kwam de geseling.

De geselpaal was zestig cm hoog. Een ijzeren ring, geplaatst bijna aan het bovenste eind, stak aan beide kanten uit.

De gevangene werd de kleding van het lijf gerukt, zodat hij er naakt bij stond. De Romeinse beulen waren professioneel. Ze beperkten hun werk tot een verfijnde gewelddadige kunst van geselen en ze konden hun slachtoffer zo slaan tot er alleen nog maar een kleine levensvonk overbleef.

De polsen werden stevig vastgebonden aan de ijzeren ring. Daarna werd het slachtoffer in een gestrekte positie gebracht met het gezicht naar de grond gericht, de voeten van de paal af.

De Romeinse gesel was een flagra, een korte zweep bestaande uit meerdere dunne ijzeren kettingen, met aan de uiteinden kleine gewichten.

Geselen werd de "kleine dood" genoemd. Het ging vooraf aan de "grote dood": Kruisiging.

Alleen al de spanning tijdens het wachten op de eerste slag is wreed. Het hele lichaam is gespannen. De spieren trekken zich samen in kwellende krampen. De kleur trekt weg uit de wangen. De lippen zijn strak tegen de tanden geperst.

Met het neersuizen van de zweep raken de kettingen de gehele rug, elke schakel scheurt de huid open en dringt diep binnen in het vlees. De gewichten dringen zich met kneuzend geweld tussen de ribben en wreed draaiend rondom de borstkas.

Wanneer een man wordt gegeseld ligt de pijn ver boven de pijngrens. Zweet druppelt van het voorhoofd en prikt in de ogen. Bij elke slag van de flagra maakt het lichaam van het slachtoffer stuiptrekkingen als dat van een pas onthoofde kip. De tweede slag tekent een V-vormig patroon van kleine snijwonden op de rug en helft van de borstkas. Alleen de Zoon van God kon deze onbeschrijfelijke pijniging zonder te klagen verdragen.

Met elke slag trekt het levenssap weg uit het lichaam. Men voelt alleen nog de brandende, verblindende pijn als de wrede zweep weer door de lucht fluit en op de rug en de schouders neerkomt. De flagra kan iemand levend villen.

De Hebreeuwse wet beperkt het aantal zweepslagen tot 39. De Romeinse kastijding was niet zo beperkt. Voor de beul, die de man geselde voor de kruisiging, gold maar één regel: de man mocht niet sterven. Een vonk van leven moest behouden blijven voor de doodsstrijd aan het kruis.

Er waren mannen die hun tong in tweeën beten onder zulke slagen.

Alleen gezegende bewusteloosheid kon verlossing brengen.

Het slappe lichaam van het slachtoffer werd van de paal losgesneden. De wonden werden gewassen, maar niet medisch verzorgd. De volgende stap was de parade naar de plaats van de terechtstelling.

De politici van Rome hielden ervan, de veroordeelden als voorbeeld te stellen. De lange langzame parade door de openbare straten was bedoeld, om als een waarschuwing te dienen voor anderen, dat Rome snel en genadeloos handelde.

Gewoonlijk diende een centurion als beul of carnifex servorum.

Terwijl vier soldaten de gevangene vasthielden, zette hij de twaalf cm lange, scherpe ijzeren spijker in het midden van het handvlak. Een vakkundige, ervaren slag hechtte hem aan het hout. Vier of vijf slagen dreven de spijker diep in de ruwe balk en met een laatste slag werd de spijker naar boven gebogen zodat de hand er niet uit kon scheuren.

Een kleine uitstulping, die op de hoorn van een neushoorn leek en "sedile" werd genoemd werd stevig onder het kruis aangebracht. Dit werd aangebracht om het meeste gewicht van de veroordeelde z'n handen weg te nemen. Daarna werd een spijker door elke voet gedreven.

Het was een dood voor slaven, dieven en verraders.

De wonden in de handen stuurden vuur door de armen.

Van tijd tot tijd bracht bewusteloosheid verlichting.

Het is duisternis en pijn; dan pijn en duisternis.

De pijn in de rug, armen, handen, voeten en het kruis is dof, kloppend, vreselijk en eindeloos. De pijn groeit, ze vermenigvuldigt en verdubbelt zich. Er is geen moment om te herstellen.

Het kruis wordt zo opgesteld, dat de zon pal in de ogen van de gevangene schijnt.

Beneden wacht de nieuwsgierige menigte, gefascineerd door de kwelling. De macabere gebeurtenis wordt langzaam tot een einde gebracht. Sterven zou een privé aangelegenheid moeten zijn, geen openbaar schouwspel. Er is iets obsceens aan een menigte van mensen die je omringen en erop wachten tot dat je sterft.

Dan begint de dorst.

De lippen zijn droog. De mond is opgedroogd. Het bloed is heet. De huid is koortsachtig. In zo'n ogenblik is niets mèèr nodig dan een druppel koud water.

Water wordt geweigerd.

Aan de voet van het kruis drinkt het doodscommando in de aanwezigheid van de stervende, alleen om zijn geestelijke kwelling te vergroten. De zon schijnt direct in de ogen van de gekruisigde. Zelfs door de gesloten oogleden dringt de felle zonneschijn door. De tong wordt dik. Wat eens speeksel was is nu als ongesponnen wol. Handen en voeten beginnen te zwellen. De sedile steekt in de geslachtsdelen. Het is onmogelijk zichzelf te draaien of van positie te veranderen. De spieren beginnen zich samen te trekken.

Maar het afschuwelijkste moet nog beginnen.

Tot nu toe was het kinderspel.

De ene na de andere spier van de rug trekt zich strak samen in lastige krampen. Er is geen uitweg, geen verlichting, geen zachte masserende handen om de krampen te verzachten. De krampen trekken over de schouders en de borst. Ze bereiken het onderlijf.

Na twee uur aan het kruis is elke spier in het lichaam alleen nog maar een harde knoop en is de pijn ondraaglijk. Mannen schreeuwen zichzelf tot waanzin.

De pijn en symptomen zijn hetzelfde als bij tetanus (mondklem of de toestand van de spieren bij voortdurende samentrekkingen).

De mens, met al zijn intelligentie, kon niet een meer afgrijselijke en meer kwellende dood verzinnen, net zoals bij tetanus - de langzame aanhoudende samentrekking van elke spier. De dood aan het kruis rekt de doodsstrijd zo lang als mogelijk.

Elk uur is als een eeuwigheid.

Van tijd tot tijd laten krampen de nek stijf worden en het hoofd strak tegen de loodrechte stam aanleunen. Een man verlangt naar de dood. Het is zijn enige verlangen.

Er zijn vliegen, insecten en het blaffen van honden die de geur van bloed ruiken. Roofvogels, de straatvegers van de lucht, trekken hun kringen steeds lager en lager.

Gebeden lijken een bespotting, maar je kunt alleen maar bidden of vloeken.

Als de uren verstrijken, zullen de dunne aderen die de zenuwen voeden, worden platgedrukt en de ontbrekende bloedcirculatie veroorzaakt een verlammende verstijving.

Een nieuwe hevige pijn overvalt de gekruisigde. Het stekende slijmvlies.

Aan het kruis kent het lijden geen eind. Alleen de manier van het lijden verandert en de mate van pijn.

Naarmate de uren verstreken waren de soldaten ertoe geneigd de dood te versnellen. Ze begonnen de botten te breken. Vanaf een ladder sloeg een geoefende legionair met een knuppel, korte slagen op het rechter dijbeen en versplinterde dat. Een tweede harde slag, en het linker dijbeen werd versplinterd.

Dat bracht weer nieuwe pijn.

Het slijmvlies - dit dunne vochtige weefsel dat een groot gedeelte van het menselijke lichaam bedekt en vochtig houdt - droogt tijdens de kruisiging uit tot het als schuurpapier wordt en het gevoelige weefsel aan de anus stuk krabt, (de achter uitgang van het spijskanaal). Het uitgedroogde slijmvlies scheurt de gekwelde keel. Het ligt als een steen in alle lichaamsholtes. Lagen weefsel worden van de ogen losgescheurd bij elke beweging van de pupil of elke keer bij het knipperen van de ogen.

Bestaat er nog een intenser lijden aan deze kant van de hel?

De meeste veroordeelde mannen stierven naakt.

CHRISTUS WERD GEKRUISIGD. Hij stierf de gewelddadigste dood die de mensen konden verzinnen.

Hij nam mijn plaats in.

Het waren mijn zonden die Hem daar brachten.

Jezus Christus stierf de volledigste dood die men zich kan voorstellen. Het was ontworpen om het langzame afsterven toe te staan van de cellen, spieren, emoties, botten, weefsel, verstand, geest, bloed en hartslag. Daarom is de overwinning van de opstanding de meest complete overwinning ooit vermeld.

Uit het graf stond Hij op,
Met een machtige triomf over Zijn vijanden;
Hij stond op als Overwinnaar over de duisternis,
En Hij leeft voor eeuwig met Zijn heiligen, om te regeren.
Hij stond op! Hij stond op!
Halleluja! Christus stond op!

Er is geen offer meer nodig voor mijn zonden.

Jezus heeft ALLES betaald.

1 KORINTHE 1:17-24

door C. M. Ward (Sydney)
Bron onbekend